Alles wat je niet verandert kies je..

Zuzanka

Knap is niet genoeg

Wat maakt iemand nou echt aantrekkelijk?

Als jonge vrouw ben ik door heel wat fases gegaan. In het begin draaide alles natuurlijk om uiterlijk.
Het begon bij Bill van Tokio Hotel — ik was acht jaar oud en compleet geobsedeerd. Eerst dacht ik dat hij een meisje was, ik wilde er later precies zo uitzien. Toen ik ontdekte dat hij géén meisje was, werd hij mijn grote liefde.

Daarna volgden alle andere fases: de kakkers, de emo’s, de skaters, de LV-heuptasjesjongens, de gangsters, de hippies. Kort haar, lang haar, snor, beetje baard, geen baard, lang, tattoo’s, geen tattoo’s — ik heb ze allemaal gehad.
Tot ik er uiteindelijk achter kwam: het boeit me eigenlijk helemaal niks. Niet hoe je eruit ziet, wel wat ik bij je voel.

Nu mijn frontale kwab eindelijk is uitgegroeid en ik weet wat ik wil, zoek en te bieden heb, merk ik dat de dingen die ik aantrekkelijk vind totaal veranderd zijn.
Iemand kan er op papier “perfect” uitzien — wat dat dan ook betekent — maar met een slecht karakter wordt zelfs de knapste man lelijk. En andersom: iemand die je in eerste instantie niet eens opmerkt, kan door zijn energie en innerlijk opeens de meest aantrekkelijke persoon in de kamer worden.

Ik geloof heilig dat wat we aantrekkelijk vinden, ons zelfbeeld weerspiegelt — niet onze échte waarde, maar wat we dénken dat we verdienen.

Nu ik al een langere tijd single ben, en lang heb gewerkt (en nog steeds werk) aan mijn zelfliefde, en zelfs langer dan een jaar celibaat heb geleefd, begon ik mijn lichaam weer met respect te behandelen. Ik werd zorgvuldiger in wie ik toelaat.
Je trekt immers aan wat je uitzendt.
Ben je onzeker, opgefokt of instabiel, dan trek je vaak hetzelfde aan — of iemand die die onrust juist versterkt. Totdat je leert om jezelf te kiezen. Doe je dat niet, dan blijft je leven een eindeloze loop van liefdeslessen. En daar heeft niemand zin in.

Maar wat maakt iemand dan wel aantrekkelijk?

Voor mij is dat:

  1. Openheid en eerlijkheid.
    Iemand die zegt wat hij denkt, geen “hard to get”-spelletjes speelt en gewoon duidelijk is: zo ben ik, dit zoek ik.
  2. Loyaal zijn. Deze hoef ik eigenlijk niet eens toe te lichten. Iemand die duidelijke grenzen heeft en die ook bewaakt — uit eigen respect en respect voor zijn partner.
  3. Emotionele intelligentie.
    Kunnen praten over gevoelens, ze ruimte geven — zonder dat het ten koste gaat van de ander.
  4. Balans tussen mannelijke en zachte energie.
    Een man mag leiden, maar een échte man zorgt ervoor dat een vrouw zich veilig voelt in haar zachtheid. Ik merk het meteen: bij sommige mannen word ik hard en op mijn hoede, bij anderen word ik zacht, verlegen, vrouwelijk.
  5. Humor.
    Vooral donkere humor en zelfspot. Ik maak vaak grapjes die nét te ver gaan. Zelfspot is mijn copingmechanisme — en eerlijk is eerlijk: een beetje pesten is mijn manier van flirten.
  6. Zelfzorg.
    Fysiek én mentaal. Sport, slaap, voeding, geen overmatig gebruik van verdovende middelen. Het laat zien hoeveel waarde iemand aan zichzelf hecht — en daarmee ook aan het leven samen.
  7. Omgang met kinderen.
    Ik smelt van mannen die lief en speels met kinderen omgaan. Als ik zie dat de kleintjes niet bij je weg te slaan zijn — of het nu neefjes zijn of de kinderen van vrienden — dan vind ik dat zó aantrekkelijk.
  8. Familie en vrienden.
    Hoe praat je over en tegen je moeder? Hoe behandel je de mensen die dicht bij je staan? Dat zegt vaak alles over hoe jij ook met je partner zult omgaan.
  9. Ambitie.
    Rijkdom boeit me niet, maar passie wel. Heb je een baan waar je plezier uithaalt? Werk je ergens naartoe? Is het stabiel? Dan heb je mijn aandacht.
  10. Hobby’s.
    Een man zonder hobby’s vind ik onaantrekkelijk. Heb iets wat je gelukkig maakt, waar je energie van krijgt. Een eigen leven buiten de relatie maakt een verbinding juist sterker.
  11. Kun je alleen zijn?
    Dat zegt zóveel over iemand. Als stilte je gek maakt en je jezelf constant moet verdoven met ruis, muziek, mensen of middelen, dan is er werk aan de winkel.
  12. Respect voor mijn spiritualiteit.
    Je hoeft niet hetzelfde te geloven (al zou dat leuk zijn), maar erken dat het voor mij écht is. Vind mij maar jouw ‘spirituele heksje’ — zolang je het respecteert en serieus neemt, is het goed.

En eerlijk is eerlijk: het werkt twee kanten op.
Wat ik van iemand vraag, ben ik ook bereid te geven.
Ik heb hard aan mezelf gewerkt — aan mijn emotionele stabiliteit, zelfzorg, ambitie, zelfstandigheid en verantwoordelijkheidsgevoel.
Ik zorg goed voor mezelf, fysiek én mentaal. Ik heb mijn eigen dromen, mijn eigen leven, en ik kan gelukkig zijn in mijn eentje.
Maar ik ben ook zorgzaam, warm en aanwezig. Ik geef graag — aandacht, steun, knuffels, een meegegeven lunch.
Ik ben niet bang om eerlijk te zijn, om te reflecteren of een lastig gesprek te voeren.
En juist daardoor weet ik dat ik verbinding zoek vanuit rust, niet vanuit leegte.


En weet je wat ik ook denk?
In plaats van mensen te veroordelen omdat ze “te hoge eisen” zouden hebben, zouden we misschien beter onze eigen standaarden eens aanscherpen.
Misschien is die afkeer naar “kritische” mensen juist een projectie — omdat het confronterend is om te zien dat iemand durft te vragen wat hij of zij echt verdient.

Het is vaak niet de ander die te veel vraagt, maar jij die jezelf nog te weinig gunt.
Ik gun het iedereen om daar doorheen te breken — om te leren kiezen vanuit eigenwaarde in plaats van tekort.
Want als meer mensen dat zouden doen, zouden we veel gelukkigere relaties hebben.
En die relaties brengen weer gelukkigere kinderen voort — kinderen die opgroeien met trots, met zelfrespect, met het besef dat ze waardevol zijn en liefde mogen ontvangen die gezond is.
Daar is nog zó veel ruimte voor groei.


Ik vind dat we het taboe moeten doorbreken om “niet te serieus” te zijn tijdens eerste dates.
Waarom zou ik tijd verspillen aan iemand die geen kinderen wil, een compleet ander toekomstbeeld heeft of niet dezelfde taal spreekt als het gaat om liefde?
Ik wil liever meteen weten waar ik aan toe ben.

Ik las ooit een mooie tekst: stel je voor dat je iemand nu moet trouwen.

Wat is je eerste gevoel?

Als het is ‘Ja, oke’ – al ken je die gene nog niet zo goed, je voelt een soort veiligheid – Green light.

Maar als je denkt: ‘Nee, daar moet nog veel aan veranderen, misschien ooit’ – Red light.

Dan val je dus voor potentie, Niet voor realiteit. En dat is een valkuil waar velen van ons al eens in zijn gevallen. Dat jij potentie ziet, is mooi – maar dat betekend niet dat die persoon dat ooit op die manier gaat toepassen. Je kunt niet spreken van liefde als je die direct aanvult met een waslijst aan ‘verbeterpunten’.

Nu zeg ik zeker niet dat je direct moet trouwen, maar gebruik die gedachte als meetlat: Is het de moeite waard om in die commitment te stappen?
Ga ik in deze relatie kunnen bloeien en tot rust komen — of zal ik voortdurend moeten vechten voor mijn plek en mijn waarden?

Daarom ben ik streng met daten. Niet iedereen krijgt zomaar toegang tot mijn energie en licht. Uiteindelijk draait aantrekkingskracht dus niet om hoe iemand eruit ziet, maar om hoe je je voelt in zijn aanwezigheid. Rustig, veilig, levendig. De mooiste connecties zijn die waarin je niet hoeft te spelen of bewijzen – alleen hoeft te zijn. Misschien is dat uiteindelijk wat aantrekkingskracht is: iemand vinden die weerspiegelt wie jij op je mooist bent. Iemand bij wie je zachter praat, vaker lacht en rustiger ademhaalt.

Oké, misschien is er dan toch één uiterlijke no-go:

Skinny jeans.

Sorry, ik kan echt niet met Skinny jeans.. 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *